Een nieuw gebouw voor Rouppe van der Voorts

Enige weken geleden heeft van het nieuwe gebouw van Rouppe van der Voort’s Industrie en Metaalmaatschappij N.V. aan de Meent de vlag gewaaid, omdat het hoogste punt van het bouwwerk was bereikt. De architecten ir. E.H. Kraayvanger en H.M. Kraayvanger architecten B.N.A. zijn er de ontwerpers  van. Aannemer is het aannemingsbedrijf Gebr. Van den Luitgaarden.

In de meidagen van 1940 had Rouppe van der Voort haar pand aan het Boerensteiger, met achtergevel aan de Houttuin, in vlammen zien opgaan. Te erger was dit verlies, omdat het pand nog gloednieuw was. Het was eerst in 1937 in gebruik genomen voor de opslag van metalen (lood, zink, ijzer, koper, enz.) als verkoopgelegenheid voor ijzerwaren en gereedschappen en als showroom voor sanitaire en de vele andere artikelen, die de firma voert en voor de nodige kantoren.

In de oorlogstijd rijpen de plannen voor de bouw van een nieuw pand aan de Botersloot. Er werd een stuk grond gereserveerd op ongeveer 25 meter van de Meent. De firma stelde aan haar architecten zelfde programma van eisen als aan het verwoeste pand. Gelukkig voor ontwerpers en prinicipalen heeft de wijzigingen van he wederopbouwplan dit gedeelte van de stad onaangeroerd gelaten, zodat onmiddellijk na de bevrijdig pogingen konden worden aangewend om met de bouw te beginnen. Daarbij kon als belangrijk argument gelden, dat het voor de wederopbouw van het grootste belang is, zo spoedig mogelijk te kunnen beschikken over bedrijven die voor de materiaalvoorziening zorgen. Een bedrijf als dat van Rouppe van der Voort staat daarbij vooraan, omdat het de bouwnijverheid voorziet van alle metalen, hang- en sluitwerk, gereedschappen, pijpen, rioleringen, sanitair, enz.

Het nieuwe gebouw, met een front breedte van 25 meter en een inhoud van ongeveer 11.300 m2 zal bevatten, een kelder onder het gehele pand, op de begane grond een grote verkoopruimte voor gereedschappen en ijzerwaren, alsmede een showroom voor hang- en sluitwerk. Aan de achterzijde van het pand, uitkomende in de toekomstige expeditiestraat, is een hoge ruimte met een galerij voor de opslag van de zware metalen.

Op de eerste etage vindt men de kantoren, welke evenals de grote showroom voor sanitair op de tweede etage met een apart trappenhuis voor publiek toegankelijk zijn aan de Boterslootzijde. Boven de showroom bevinden zich drie etages voor opslagruimte. Daarboven is de kapruimte, eveneens bestemd voor opslag. Het gebouw bevat voorts een lift en een diensttrappenhuis.

uit:
De  Maasstad
6e jaargang, nummer 9
juni 1947